Alle bedrijven met landbouwgrond zijn verplicht een bemestingsplan op te stellen. Dit plan moet voor 15 maart gereed zijn. In het plan moeten de gewasrotatie op de landbouwgrond en het geplande gebruik van mest beschreven worden. Daarbij gaat het om dierlijke mest en andere meststoffen met stikstof en fosfaat.

Het plan bestaat in principe uit twee berekeningen:

  1. een berekening van de geplande bemesting voor elk perceel vanuit de gewasbehoefte;
  2. een berekening waarmee gecontroleerd wordt of de geplande bemesting binnen de gebruiksnormen past.

Het bemestingsplan is vormvrij en moet in ieder geval uit de eerste berekening bestaan, maar het is verstandig de tweede berekening ook te maken. In de berekeningen moeten in ieder geval de volgende onderdelen opgenomen worden: beginvoorraad, aanvoer, productie, afvoer en eindvoorraad.

Bron: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland | publicatie | 09-01-2024